Jaarverslag Veehouderij 2011
Januari 2012, even omkijken.
Allereerst een opmerking van algemene aard,de land en tuinbouw mogen tevreden zijn met het huidige politieke klimaat,voor ons als agrarische sector is dit van groot belang.
Met de huidige staatsecretaris dhr. Bleker hebben wij het getroffen. In mijn beleving een zeer capabele persoon, die agrarische belangen goed behartigd, en die eindelijk de volkomen uit balans geraakte natuur expansie stopt. Daarbij geholpen door het financieringstekort, dat het noodzakelijk maakt om terecht heel stevig te bezuinigen.
Voor de melkveehouderij, was 2011 een heel goed jaar, over weeromstandigheden zullen we het maar niet hebben, daar is al genoeg over gezegd. De melkveesector kan omkijken op een jaar met goede melkprijzen. Naar alle waarschijnlijkheid blijven deze op een goed niveau in 2012 tenminste zoals het op dit moment gegeven de omstandigheden er naar uitziet. Een van de zaken die in 2011 onverminderd doorzette is de schaalvergroting, op weg naar een quotumloos tijdperk, rijzen de stallen in snel tempo de grond uit.
Hierbij zijn stallen van 200 melkkoeien en meer geen uitzondering. Goede melkprijzen en een lage rente zorgen voor een sterke investeringsdrift. Zoals aan alles zit er ook een keerzijde aan, te denken valt aan mest. In 2011 is afgesproken om via het voer het fosfaatverbruik met 10% te verlagen, maar dit is nog lang niet voldoende. Dus komende jaren zal er via verwerking of export van mest in welke vorm dan ook, veel moeten gebeuren om de nu gebouwde stallen vol te kunnen zetten. Anders gaat mest de vervanger worden van melkquotering.
Op het gebied van mest werden ook in 2011 vele initiatieven opgestart, zoals mestscheiding in een dik fosfaatrijk deel en een dun stikstofrijk deel. Waarbij het wellicht mogelijk is een groot deel van de stikstofhoudende kunstmest te vervangen door mestscheiding toe te passen.
Op het gebied van diergezondheid blijven Q-koorts, blauw tong, salmonella en eind 2011 de laatst en nieuwste het Schmallenberg-virus, de gemoederen bezighouden. Waarbij de laatstgenoemde nog voor veel onzekerheid gaat zorgen. Uiteindelijk zal er wel een vaccin
ontwikkeld worden. Tegen die tijd zal er vast wel weer iets nieuws zijn wat diergezondheid betreft.
Voor de varkenshouderij waren de resultaten slecht, het lijkt er op dat er een koude sanering plaats vindt. Maar ook daar komen er wel weer betere tijden. Wat de intensieve veehouderij tegen heeft is het imago. Het maatschappelijke draagvlak is laag voor deze sector. De uitstraling is voor alle sectoren van groot belang, dat is iets waar ook de komende jaren goed door de totale agrarische sector op gelet moet worden. Voor het overige wensen wij een ieder veel goeds op alle terreinen.
Afdeling Zuidplas.